Bij diabetes type 2 helpt gezonde voeding om de bloedglucose stabiel te houden en een gezond gewicht te bereiken of te behouden. De Schijf van Vijf is voor veel mensen een goede basis, met veel groente, fruit, volkorenproducten, peulvruchten, noten en gezonde vetten.
Het gaat vooral om hoeveel koolhydraten je eet, hoe je ze over de dag verdeelt en welke producten je kiest. Welke manier van eten het beste bij je past, hangt af van jouw gezondheid, leefstijl, voorkeuren en eventuele medicijnen.
Wat gebeurt er bij diabetes type 2?
Diabetes type 2 is een stofwisselingsziekte waarbij er niet genoeg van het hormoon insuline wordt aangemaakt en/of de lichaamscellen ongevoeliger worden voor insuline. Insuline is nodig om glucose in het bloed toe te laten in de lichaamscellen.
Wanneer je koolhydraten binnenkrijgt, zet het lichaam deze om in glucose. Het gaat hierbij om verteerbare koolhydraten: zetmeel en suikers. Glucose komt in het bloed terecht. Daar noemen we het bloedglucose of bloedsuiker.
Via het bloed komt de glucose terecht in de lichaamscellen. Zo levert glucose energie aan het lichaam. Dit heb je nodig voor bijvoorbeeld ademhalen, bewegen en het laten kloppen van je hart.
Cellen nemen bloedglucose op met behulp van het hormoon insuline. Dit hormoon wordt in de alvleesklier gemaakt. Insuline werkt eigenlijk als een sleutel: het opent de deuren van de lichaamscellen zodat de glucose naar binnen kan gaan.
Diabetes type 2 ontstaat doordat lichaamscellen ongevoeliger worden voor insuline. Dit heet insulineresistentie. Door de insulineresistentie nemen je cellen minder glucose op.
Zo stijgt je bloedglucose steeds meer, waardoor de alvleesklier ook steeds harder moet werken om insuline aan te maken. Op een gegeven moment kan de alvleesklier de vraag naar meer insuline niet aan en raakt uitgeput.
Deze maakt dan minder insuline aan. Zo nemen de cellen nog minder suiker op. Bij mensen met diabetes kan er minder glucose de cel in en blijft er dus meer glucose in het bloed.
Waarom gezonde voeding belangrijk is
Bij een langdurig hoog bloedglucosegehalte beschadigen de bloedvaten en zenuwen. Daarom hebben mensen met diabetes meer kans op hart- en vaatziekten.
Ook kan diabetes leiden tot chronische nierschade, een diabetische voet en slechtziendheid. Een goede instelling van de bloedglucose voorkomt klachten op korte termijn, zoals moeheid.
Gezondere voedingskeuzes helpen om je glucosewaarden stabieler te houden, een gezond gewicht te behouden en de kans op hart- en vaatziekten te verkleinen. Gezonde voeding kan ervoor zorgen dat je diabetes type 2 minder ernstig wordt.
Gebruik je medicijnen om je bloedsuiker te verlagen? Ook dan blijft gezond leven belangrijk. Door genoeg af te vallen kun je minder of geen medicijnen nodig hebben.
Gezond leven is een belangrijk deel van je behandeling van diabetes type 2, altijd, ook als je medicijnen gebruikt. Je bloedsuiker kan omlaag gaan, je kunt afvallen, je voelt je fitter en je bloeddruk kan omlaag gaan.
De Schijf van Vijf als basis
Door gezond te eten met de Schijf van Vijf kun je de kans op diabetes type 2 verkleinen. Ook als je diabetes hebt, is de Schijf van Vijf een goede basis.
Voor veel mensen met diabetes is de Schijf van Vijf een goede basis voor gezonde voeding. De Voedingsrichtlijn diabetes is heel erg te vergelijken met de algemene voedingsadviezen.
De aanbevolen dagelijkse hoeveelheden kunnen dan wel net wat anders zijn. Een diëtist kan de adviezen afstemmen op jouw specifieke situatie.
De Voedingsrichtlijn diabetes adviseert om vooral groenten, fruit, volkorenproducten, peulvruchten, noten en gezonde vetten te eten. Kies vooral voor onbewerkte en producten met veel voedingsstoffen, zoals groente, fruit, volkorenproducten, peulvruchten, noten en vis.
| Eet vaker | Eet minder vaak |
|---|---|
| Groenten | Frisdrank en energiedrank |
| Fruit | Snoep en koek |
| Volkoren producten | Gebak en zoete snacks |
| Peulvruchten | Sterk bewerkte producten |
| Noten en zaden | Producten met veel toegevoegde suikers |
| Vis | Bewerkt vlees |
| Plantaardige oliën en zachte vetten | Producten met veel zout |
Koolhydraten en bloedglucose
Koolhydraten hebben de grootste invloed op de bloedglucose. Ze zitten onder andere in brood, aardappelen, rijst, pasta, fruit, melk en yoghurt, peulvruchten, frisdrank en vruchtensap.
Door de spijsvertering in de maag en darmen worden de koolhydraten omgezet in glucose. Dit is de kleinste vorm waarin een koolhydraat voorkomt. Via de darmen komt glucose in jouw bloed terecht.
Er zijn twee soorten koolhydraten naargelang de snelheid van opname in het bloed. Er zijn enerzijds de snel resorbeerbare, zoals druivensuiker, frisdrank en snoep, en anderzijds de traag resorbeerbare koolhydraten, zoals fruit, brood, rijst, aardappelen en deegwaren.
Kies vooral voor volkoren granen, peulvruchten, groenten en fruit. Deze worden langzamer verteerd en geven langzaam glucose af aan je bloed.
Verdeel koolhydraatrijke producten zoveel mogelijk over je maaltijden, in plaats van veel tegelijk te eten. Dat helpt om grote schommelingen in je bloedglucose te voorkomen.
Probeer koolhydraten zo goed mogelijk over de dag te verdelen om pieken in de bloedsuiker te voorkomen. Een goed dagmenu bestaat uit drie maaltijden en niet meer dan drie tot vier maal iets tussendoor.
Vezels zorgen ervoor dat glucose langzamer in je bloed wordt opgenomen. Daardoor stijgt je bloedglucose vaak minder snel en blijf je langer verzadigd.
Producten met veel vezels
Voedingsvezels zijn onverteerbare delen van plantaardige voedingsmiddelen. Je kunt het beste producten gebruiken waar veel voedingsvezels in zitten: groente, fruit, peulvruchten, volkorenproducten zoals volkoren- en roggebrood, en volkoren graanproducten, zoals volkoren macaroni, muesli en noten.
Deze hebben een goede invloed op jouw bloedsuikergehalte na de maaltijd. Maar ook op het cholesterolgehalte van het bloed.
Voedingsvezels zorgen voor een goede darmwerking, zodat er geen problemen zoals diarree of constipatie optreden, en zorgen er voor dat de koolhydraten uit de maaltijd vertraagd opgenomen worden.
Volkorenproducten, groente en fruit
Als je voldoende volkorenproducten eet, verlaag je het risico op diabetes type 2. Vervang witte graanproducten daarom zoveel mogelijk door volkorenproducten.
Kies bij pasta, rijst en brood voor de volkorenversie, en voor zilvervliesrijst. Daarin zitten veel vezels, waardoor de bloedsuikerspiegel langzamer en minder stijgt.
Denk aan volkorenbrood, volkorenpasta, volkoren bulgur, volkoren couscous en zilvervliesrijst. Witbrood, witte rijst, witte pasta, ontbijtkoek, koekjes en gebak kun je beter niet eten.
Groente en fruit zitten vol goede voedingsstoffen, zoals vitamines, mineralen en vezels. Bovendien verkleinen ze de kans op verschillende ziekten, waaronder diabetes type 2.
Probeer daarom iedere dag 250 gram groente te eten en 200 gram fruit. Eet iedere dag een paar porties groente, bijvoorbeeld bij elke maaltijd.
Zeker groene bladgroenten lijken het risico op diabetes type 2 te verkleinen. Maar varieer vooral, want iedere groente- en fruitsoort bevat weer andere goede voedingsstoffen.
Fruit past binnen een gezond voedingspatroon voor mensen met diabetes. Fruit bevat vitamines, mineralen en vezels.
Omdat fruit ook natuurlijke suikers bevat, is het verstandig om fruit te verdelen over de dag en te kiezen voor heel fruit in plaats van vruchtensap. Eet niet meer dan 2 porties per dag.
Drink geen vruchtensap en liever ook geen smoothie. Fijn gemaakt fruit om te drinken bevat sneller beschikbare suikers dan heel fruit.
Drinken bij diabetes type 2
Drink vooral water, thee en koffie zonder suiker. Varieer dus volop met kraanwater, thee en koffie zonder suiker.
Het advies is om elke dag 1,5 tot 2 liter te drinken. Water is een gezonde keuze, omdat het geen calorieën bevat en kan helpen om je bloedsuikerspiegel onder controle te houden.
Het drinken van koffie en zwarte en groene thee kan de kans op diabetes type 2 verkleinen. Aan de andere kant vergroot het drinken van veel dranken met suiker de kans op overgewicht en diabetes type 2.
Dat gaat om frisdrank en energiedrank, maar ook om dranken waar van nature suiker in zit, zoals sappen en smoothies. Laat deze dus zo veel mogelijk staan.
Drink zo min mogelijk frisdranken en vruchtensappen, hier zitten veel snelle suikers in. Dit kun je beter niet drinken: frisdrank, chocolademelk en vruchtensap.
Je hoeft suiker niet helemaal te vermijden als je diabetes hebt. Wel is het verstandig om producten met veel toegevoegde suikers niet te vaak te eten of drinken.
Suiker en zoetstoffen
De term suikerziekte kan tot verkeerde conclusies leiden. Bijvoorbeeld dat iemand met diabetes helemaal geen suiker mag eten.
Het algemene advies voor iedereen is om zo min mogelijk suiker te gebruiken. Suiker levert namelijk energie, en dit kan de kans op overgewicht vergroten.
Suikervrije producten zijn niet nodig, in tegenstelling met wat men vroeger dacht. Het gaat vooral om hoeveel koolhydraten je eet, hoe je ze over de dag verdeelt en welke producten je kiest.
Je kunt suiker vervangen door zoetstoffen. Zoetstoffen die geen koolhydraten of energie leveren, komen vaak voor in light-frisdrank en vruchtenyoghurt.
Zoetstoffen die geen koolhydraten leveren, maar wel energie zijn, komen veel voor in producten zoals snoepgoed, koek, gebak en ijs. De meeste van deze producten kun je beter niet gebruiken.
Diabetesproducten
Er worden nog steeds producten gemaakt speciaal voor mensen met diabetes, bijvoorbeeld gebak, koek, chocolade en jam. We raden je af om deze producten te gebruiken.
Ze zijn niet nodig omdat je bij diabetes meestal alle gewone voedingsmiddelen kunt gebruiken. Ook zit in diabetes- of suikervrije producten vaak veel verzadigd vet.
De producten zijn in verhouding duur en minder smakelijk. Sommige van deze producten kunnen diarree en winderigheid veroorzaken.
Groente, peulvruchten en eiwitten
Peulvruchten als erwten, linzen en bonen zijn gezond. Ook hier zitten vezels in, waardoor je bloedsuiker langzamer stijgt.
Je lichaam kan prima met minder of zonder vlees. Varieer lekker met peulvruchten, tofu, tempé, ongezouten noten, vis, ei of kant-en-klare vegetarische producten.
Eiwitten hebben geen invloed op de bloedsuikerspiegel. Eiwitten zorgen er ook voor dat je langer een vol gevoel hebt.
Eet daarom regelmatig zuivel, mager vlees, vis, tofu of peulvruchten. De dierlijke eiwitten hebben de beste kwaliteit, maar bevatten vaak ook veel vet.
Daarom is het aangewezen om magere dierlijke eiwitbronnen, zoals gevogelte en vis, te kiezen. Producten van melk zonder suiker, zoals melk, yoghurt en kwark, passen binnen een gezond voedingspatroon.
Vlees, vis en plantaardige keuzes
Het eten van veel rood vlees en met name bewerkt vlees kan de kans op diabetes type 2 vergroten. Probeer daarom maximaal 100 gram rood vlees per week te eten en het liefst zo min mogelijk bewerkt vlees, zoals hamburger, worst, gemarineerd vlees en vleeswaren.
Eet niet te veel rood en bewerkt vlees. Kies bij voorkeur voor mager, wit onbewerkt vlees zoals kipfilet.
Voor mensen met diabetes vergroot bewerkt rood vlees de kans op complicaties, zoals hart- en vaatziekten. Wil je toch vlees eten? Kies dan voor wit, onbewerkt vlees, zoals kip of kalkoen.
Het is verstandig om vaker plantaardige producten te kiezen, zoals peulvruchten, tofu, tempé, noten en zaden. Eet minder vlees, maximaal 500 gram per week.
Het algemene advies is om twee keer per week vis op het menu te zetten, waarvan maximaal één keer vette vis. Andere adviezen noemen minstens één keer per week vette vis, zoals zalm, haring, makreel of sardientjes.
Vis bevat vetzuren die de kans op hart- en vaatziekten verkleinen. Kies niet voor vis uit de frituur, zoals kibbeling.
Vetten en cholesterol
Vetten hebben geen invloed op de suikerregeling, maar zijn wel oorzaak nummer één van een te grote energie-inname en spelen een rol in het ontstaan van hart- en vaatziekten.
Wanneer we de energie van de vetten niet dadelijk nodig hebben, wordt deze opgeslagen in vetkussentjes. Ook kun je zwaarder worden door teveel vet eten.
Een voeding rijk aan verzadigd vet kan het cholesterolgehalte van het bloed verhogen. Hierdoor neemt de kans op het ontstaan van hart- en vaatziekten toe.
Het is dus belangrijk dat je minder verzadigd vet eet. Verzadigde vetten komen vooral voor in vet vlees, vette vleeswaren, volle melk en melkproducten, volvette kaas, roomboter, harde margarine, snacks, gebak, koek, chocolade en kokos.
Onverzadigde vetten zijn juist gunstig. Deze helpen het cholesterol in jouw bloed te verlagen.
Onverzadigde vetten komen vooral voor in olie, vloeibare bak- en braadproducten, zachte margarine, halvarine, vis, noten, pindakaas en avocado.
Gebruik bij het bakken vooral gezonde, onverzadigde vetten. Die zijn vloeibaar als ze koud zijn, zoals olie, vloeibare margarine of vloeibaar frituurvet.
Goede soorten vet zitten verder in noten, vis, avocado en olijven. Gebruik roomboter, harde margarine, kokosvet, palmolie en cacaoboter met uitzondering.
Je hoort wel eens dat kokosvet en roomboter geschikt zou zijn voor mensen met diabetes, maar dit is nooit gebleken uit betrouwbaar onderzoek.
Zout en bloeddruk
Omdat de kans op hart- en vaatziekten en chronische nierschade groter is bij mensen met diabetes, is het extra belangrijk om goed te zorgen voor je hart, bloedvaten en nieren.
Wanneer je minder zout gebruikt, kan dat een stijging van de bloeddruk voorkomen. Een al bestaande verhoogde bloeddruk bij diabetes daalt bij minder zoutgebruik goed.
Gebruik zo min mogelijk zout en zoute producten, zoals soep, snacks, chips, zoutjes en kant-en-klaarproducten. Voeg bij de bereiding van de warme maaltijd minder keukenzout of zoute smaakmakers toe.
Gebruik liever kruiden, specerijen, peper, azijn of citroensap, die geven ook veel smaak. Maak meer gebruik van verse kruiden, knoflook en ui.
Zeezout, selderijzout, knoflookzout en uienzout bevatten net zoveel natrium als keukenzout. Gebruik maximaal zes gram zout per dag, dat is ongeveer 2400 mg natrium.
Alcohol bij diabetes type 2
Bij voorkeur drink je geen alcohol, maximaal 1 glas per dag. Aanbevolen wordt om geen alcohol te drinken.
Ook in alcohol kunnen koolhydraten zitten die de bloedsuiker verhogen. Het verraderlijke is dat alcohol na een paar uur juist de bloedsuiker verlaagt.
Een gezond gewicht bereiken of behouden
Overgewicht vergroot de kans op diabetes type 2, vooral als het vet rond de buik zit. Meer dan 80% van de mensen met diabetes type 2 heeft overgewicht.
Als je overgewicht hebt, helpt afvallen om je kans op diabetes type 2 te verlagen, vooral als je een grote buikomvang hebt. Vijf tot tien procent afvallen kan al zorgen voor een verbetering.
Bij overgewicht is veel vet opgeslagen in de vetcellen. Dit vet zorgt ervoor dat de insuline minder goed haar werk kan doen.
Naast een daling van de bloedglucose kan gewichtsvermindering ook het cholesterolgehalte en de bloeddruk laten dalen. Vermindering van het te veel aan vet rond jouw buik is het belangrijkste.
Ben je te zwaar? Al met een paar kilo minder reageert je lichaam beter op je medicijnen of je insuline. Een beetje afvallen is al goed voor je, bijvoorbeeld van 90 kilo naar 85 kilo.
Vermageringspillen, -poeders en -kuren hebben als belangrijkste nadeel dat jouw eetgewoonten niet verbeteren. Zodra je stopt met de kuur kom je snel weer aan.
Lukt het ondanks alle inspanningen niet om af te vallen, dan is het verstandig om tevreden te zijn met het gewicht dat je hebt. Zorg er dan voor dat je niet zwaarder wordt.
Low Calorie Diets, Very Low Calorie Diets, een koolhydraatbeperkt dieet, maaltijdvervangers of intermitterend fasting is alleen aan te raden onder medische begeleiding van arts en een diëtist.
Bewegen naast gezond eten
Ook voldoende bewegen is belangrijk. Hiermee verklein je de kans op diabetes type 2, terwijl veel stil zitten het risico juist verhoogt.
Door te bewegen werkt insuline beter. Daardoor verloopt de opname van glucose uit het bloed sneller en beter en jouw bloedglucose daalt.
Het kan het cholesterolgehalte en jouw bloeddruk doen dalen. Het zorgt voor een goede bloedsomloop en werkt ontspannend.
Probeer elke week minimaal 2,5 uur te bewegen en minstens 2 keer per week bot- en spierversterkende oefeningen te doen. Ben je ouder dan 65 jaar? Dan is het advies om daarnaast ook 2 keer per week balansoefeningen te doen.
Bij een goed gewicht beweeg je stevig een half uur of meer per dag. Ben je te zwaar? Beweeg dan 1 uur per dag stevig.
Goede beweging is bijvoorbeeld stevig wandelen, fietsen of zwemmen. Een beetje extra bewegen is al goed voor je gezondheid, bijvoorbeeld vaker de trap nemen, in de tuin werken of boodschappen op de fiets halen.
Ga niet opeens heel veel bewegen. Begin met 10 minuten per dag en beweeg steeds iets meer. Kies iets wat je leuk vindt en beweeg met iemand samen.
Maak je spieren en botten sterker door bijvoorbeeld trap te lopen, naar de sportschool te gaan of te trainen met gewichten. Doe deze oefeningen 2 keer per week of meer.
Doe ook oefeningen voor je evenwicht, zoals yoga, tai chi of pilates. Ga bijvoorbeeld op 1 been staan en begin met een paar seconden.
Maaltijden en porties
Eet op vaste tijden. Eet elke dag 3 gezonde maaltijden, zodat je lang een vol gevoel houdt en minder snel weer trek krijgt.
Eet niet meer dan 4 keer per dag iets tussen de maaltijden door. Afhankelijk van de soort insuline die je spuit, kan het zijn dat je een tussendoortje nodig hebt.
Eet kleine porties en eet niet teveel, ook niet van gezonde voedingsmiddelen. Door je porties onder controle te houden, krijg je niet teveel calorieën binnen en voorkom je dat je aankomt.
Het zorgt er ook voor dat je bloedglucosewaarde stabieler blijft. Kies voor gezonde snacks, zoals groenten met hummus, een handjevol noten of een schaaltje yoghurt.
Gezond koken en eten buitenshuis
Met diabetes kun je bijna alles eten. Maar gezond koken is natuurlijk het beste.
Gezond koken is voor iedereen aan tafel mooi meegenomen. Neem als startpunt: veel groenten.
Gebruik niet te veel suiker, jam, honing, siroop, stroop, witte pasta, witte meel, witte rijst of aardappelpuree. Er zitten veel snelle koolhydraten in, waardoor de bloedsuikerspiegel omhoog schiet.
Kies in plaats van een zoet toetje voor wat yoghurt met een stukje fruit. Serveer de saus apart, omdat in sausjes vaak veel koolhydraten en suikers zitten.
Serveer ook de pasta, rijst, aardappelen en dergelijke apart van de groenten en het vlees. Afhankelijk van de bloedsuiker wil iemand met diabetes deze hoeveelheid zelf kunnen bepalen of soms zelfs helemaal weglaten.
Een borrelplank? Zorg dat er ook koolhydraatarme snacks tussen liggen. Laat iemand met diabetes zijn eigen portie kiezen of iets overslaan.
In een restaurant kun je bijvoorbeeld de biefstuk en de friet delen en er een extra portie groente bij vragen.
Verpakkingen lezen
Op de verpakking van een voedingsmiddel is allerlei informatie te vinden die je kan helpen bij het maken van de juiste keuze.
Bij de informatie over de voedingswaarde kun je zien hoeveel calorieën, eiwitten, vetten en koolhydraten het product levert. Meestal wordt dit per 100 gram of 100 ml van het voedingsmiddel vermeld.
Je moet deze getallen dan nog omrekenen naar de hoeveelheid die je van het product gebruikt. Kijk ook naar de ingrediënten, want in Nederland is de fabrikant verplicht om de ingrediënten op de verpakking te vermelden.
Praktische vervangingen binnen een maaltijd
Het voorbeelddagmenu bij diabetes is jouw beginpunt. Je moet ervoor zorgen dat de hoeveelheid koolhydraten per maaltijd ongeveer gelijk blijft aan die van jouw voorbeelddagmenu.
| Product | Voorbeeld van vervanging |
|---|---|
| 1 snee brood | 2 beschuiten, 2 sneetjes knäckebröd, 2 crackers of 2 matses |
| 1 snee brood | 1 schaaltje pap zonder suiker (250 ml) |
| 1 glas halfvolle melk (150 ml) | 1 glas karnemelk of 1 schaaltje yoghurt (150 ml) |
| 2 aardappelen (100 gram) | 1½ grote lepel gare macaroni of spaghetti (± 75 gram) |
| 2 aardappelen (100 gram) | 1 grote lepel gare rijst (± 50 gram) |
| 2 aardappelen (100 gram) | 2 grote lepels gare peulvruchten (± 100 gram) |
| 1 portie groente van 200 gram | Alle soorten groente; rauwkost kun je vrij gebruiken |
| 1 portie fruit van 15 gram koolhydraten | 1 kleine peer, 1 sinaasappel, 2-3 mandarijnen of 1 kleine banaan |
Welk voedingspatroon past bij jou?
Er bestaat geen dieet dat het beste is voor mensen met diabetes. Welke manier van eten het beste bij je past, verschilt namelijk per persoon en hangt onder andere af van je gezondheid, leefstijl en eventuele medicijnen.
Er bestaat geen perfect dieet voor mensen met diabetes. Verschillende voedingspatronen kunnen passen binnen een gezonde leefstijl met diabetes.
| Voedingspatroon | Kenmerken |
|---|---|
| Mediterrane voedingspatroon | Veel groenten, fruit, vis, olijfolie, noten en peulvruchten |
| Koolhydraatbeperkt voedingspatroon | Minder koolhydraten, meer aandacht voor eiwitten en gezonde vetten |
| Vegetarisch voedingspatroon | Geen vlees of vis, wel zuivel en/of eieren |
| Veganistisch voedingspatroon | Alleen plantaardige producten |
| Algemeen gezond voedingspatroon | Eten volgens de Schijf van Vijf |
Het belangrijkste is dat een voedingspatroon past bij jouw leven, voorkeuren en eventuele medicatie. Bespreek met je diëtist wat het beste bij je past.
Koolhydraatbeperkt eten
Minder koolhydraten eten kan helpen bij het afvallen en om je bloedglucosewaarden stabiel te krijgen. Hoeveel koolhydraten je het beste kunt minderen, verschilt per persoon.
Wil je koolhydraatbeperkt gaan eten? Laat je arts en diëtist je begeleiden. Waarschijnlijk moeten je medicijnen aangepast worden.
Een sterke koolhydraatbeperking, een ketogeen dieet, wordt afgeraden bij mensen met diabetes die SGLT-remmers gebruiken. Zij lopen het risico op ketoacidose, verzuring van het bloed.
Dit geldt ook voor mensen met diabetes type 1. Daarnaast hebben zij een verhoogd risico op hypo’s bij een ketogeen dieet.
Wanneer een diëtist inschakelen?
Je hebt niet altijd een diëtist nodig, maar een diëtist kan je wel helpen als je vragen hebt over voeding en diabetes.
Een diëtist kan advies op maat geven als je wilt afvallen, koolhydraten wilt tellen, je voeding wilt aanpassen aan je medicijnen of ondersteuning wilt bij het kiezen van een voedingspatroon dat bij jou past.
Je arts is leidend in je behandeling en geeft adviezen afgestemd op jouw situatie. Ook kan je arts je doorverwijzen naar een diëtist.
Gebruik je medicijnen? Overleg dan met je behandelaar wat je het beste kunt doen als je minder koolhydraten gaat eten. Hij of zij kan met je meekijken wat het precies doet met je bloedglucosewaarden en, als het nodig is, ook je medicijnen aanpassen.
De zorgverzekering vergoedt de kosten van een diëtist als je diabetes hebt. Heb je daarnaast ook overgewicht? Dan kom je ook in aanmerking voor een gecombineerde leefstijlinterventie.
Extra aandacht voor vitamines en supplementen
De hoeveelheid vitamines en mineralen die je per dag nodig hebt, is hetzelfde als het advies voor gezonde volwassenen. Het is erg belangrijk om voldoende variatie in jouw voeding aan te brengen.
Sommige mensen hebben extra vitamine D nodig. Bespreek met je huisarts of je extra pillen met vitamine D moet slikken.
Heb je een donkere huidkleur, ben je zwanger of geef je borstvoeding, draag je een sluier, ben je een vrouw van boven de 50 of een man van boven de 70 jaar, of ben je chronisch ziek? Dan heb je meer kans op het krijgen van een tekort aan vitamine D.
Het is belangrijk voor jou om voldoende vette vis, margarine, halvarine en bak- en braadproducten te gebruiken, want daar zit veel vitamine D in.
Verder wordt onder invloed van zonlicht van april tot oktober vitamine D gevormd in jouw huid. Jouw arts of diëtist kan jou adviseren over het gebruik van vitamine D-supplementen.
Slik je metformine? Zorg dat er genoeg vitamine B12 in je eten zit. Dit zit bijvoorbeeld in eieren en in producten met melk.
Dit hoef je niet extra te slikken: omega-3-vetzuren, vitamine E, vitamine B, magnesium en pillen met knoflook.
Handige stappen om je eetpatroon te veranderen
Schrijf een paar dagen op wat je allemaal eet en drinkt. Doe dit ook in het weekend, want dan eet je vaak toch net iets anders dan door de week.
Zoek op hoeveel koolhydraten in je voeding zit. Als je weet waar veel koolhydraten inzitten, weet je beter welke keuzes je kunt maken.
Gebruik je medicijnen? Overleg dan met je behandelaar voordat je minder koolhydraten gaat eten.
Vraag hulp aan een diëtist als je het lastig vindt om je eetpatroon aan te passen of niet goed weet waar je moet beginnen.
Doe ideeën op bij anderen en deel je ervaringen. Samen sta je sterker.
Zoek naar lekkere recepten die passen bij jouw voorkeuren en voedingspatroon.
Kijk bij betrouwbare informatie over voeding en diabetes type 2.
Andere leefstijlfactoren
Door niet te roken of te stoppen met roken verminder je ook het risico op diabetes. Rook je en heb je diabetes type 2? Dan is het extra belangrijk dat je stopt met roken.
Genoeg ontspanning en goed slapen zijn ook belangrijk. Door stress en slecht slapen kan je bloedsuiker erg veranderen.
Doe elke dag iets dat je ontspant, zoals wandelen of oefeningen. Ga elke dag op dezelfde tijd uit bed en naar bed.
Je huisarts of de praktijkondersteuner kan je helpen met stoppen met roken, omgaan met stress en beter slapen.
